Muziek

6 colleges van 2 uur
woensdag 10.30-12.30 uur!
data: 25/11 en 13/1
en: woensdag 14.30-16.30 uur
data: 2/12; 9/12; 6/1 en 20/1
kosten: € 150,00

Geert C.A.M. Christenhusz

(Oldenzaal, 1949), studeerde schoolmuziek-B, Cultuurgeschiedenis en Muziekwetenschap. Hij was docent aan de muziekfaculteit en lid van het lectoraat van ArtEZ Hogeschool, gastdocent aan Saxion Hogeschool, aan de Hochschule für Musik Franz Liszt (Weimar) en theoriedocent aan de Musikhochschule van de WU-Münster. Geert componeert en schrijft poëzie en muziektheaterstukken. Hij ontving de Cultuurprijs Culturele Raad Oldenzaal, de onderscheiding H. Willibrord voor kerkmuziek en is Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Hij is naamgever van de Christenhusz Theaterprijs.

Frisia non cantat?

De Romeinse consul, historicus, schrijver en redenaar Publius Cornelius Tacitus (56 P.C.-120 P.C.) schreef in zijn boek Germania: ‘Frisia non cantat’ (letterlijk: Friesland zingt niet), waarbij hij met ‘Frisia’ de Lage Landen bedoelde en het ‘non cantat’ waarschijnlijk meer op de algemeen prozaïsche levenshouding van onze voorouders sloeg, dan specifiek op hun muzikaliteit.
Maar toch…. in de beleving van velen, en niet in het minst van de Nederlanders zelf, leeft dit beeld voort, daarbij ook overeind gehouden door een nuchtere koopmansgeest en een overheid die kunst(onderwijs) niet als noodzaak maar als luxe ziet.

Toch kennen de Nederlanden (Noord en Zuid) een grote muzikale traditie; denk aan de Nederlandse Scholen, tussen ca. 1400 en 1600 met componisten als Guillaume Dufay (1400-1470), Johannes Ockeghem (1470-1500) en Orlando di Lasso (geb. Roeland van de Laet, 1532-1594).

Maar ook in latere eeuwen werd er gemusiceerd en gecomponeerd; denk o.a. aan Pieter Hellendaal (1721-1799), Johan Wagenaar (1862-1941), Theo Loevendie (1930) en de onlangs overleden Reinbert de Leeuw (1938-2020). Ook in de huidige tijd staat het Nederlandse muziekleven internationaal hoog aangeschreven door componisten als Louis Andriessen (1939), dirigenten als Jaap van Zweden (1960) en orkesten als het KCO en het Metropole Orkest. Natuurlijk mogen we tevens de jongste generatie componisten en instrumentalisten niet vergeten!

Kortom, genoeg stof voor 6 boeiende colleges in chronologische volgorde over het Nederlands muziekleven, geplaatst in historisch perspectief met politiek, geesteswetenschappen en andere kunstdisciplines.

Menu